Persuasive communication

Centre for Language Studies | Faculty of Arts | Radboud University Nijmegen

Het ene verhaal is het andere niet

Anneke_300_vierkElke week verschijnt op deze site een bijdrage van één van onze onderzoekers over communicatie in onderzoek en praktijk.

Deze week: Anneke de Graaf over verhalen in gezondheidscommunicatie.

Gezondheidsverhalen

In de afgelopen tien jaar is er steeds meer onderzoek gedaan naar het effect van narratieven, ofwel verhalen, op determinanten van gezondheidsgedrag. Zo is bijvoorbeeld onderzocht of een verhaal over een vrouw die longkanker heeft gekregen doordat ze rookte en daaraan is overleden, zorgt voor een negatievere attitude ten opzichte van roken dan een informatieve boodschap over het feit dat je longkanker kunt krijgen door roken en daaraan kunt overlijden (Dunlop, Wakefield, & Kashima, 2010). Er wordt verwacht dat narratieven effectiever zijn dan andere soorten tekst omdat ze concreter zijn en beter voorstelbaar; lezers kunnen zich door een verhaal voorstellen hoe vreselijk het is om longkanker te krijgen, terwijl dit bij een informatieve tekst abstract en afstandelijk blijft.

De resultaten van de onderzoeken naar dit onderwerp laten echter zien dat deze verwachting niet altijd uitkomt. Zo is er in het onderzoek naar het verhaal over de vrouw die rookt en longkanker krijgt geen verschil gevonden tussen het verhaal en de informatieve boodschap. Degenen die het verhaal te horen hadden gekregen, hadden een even negatieve attitude ten opzichte van roken, als degenen die blootgesteld waren aan de informatieve boodschap. Maar er zijn ook onderzoeken waaruit wel blijkt dat een verhaal over een gezondheidsonderwerp beter werkt dan een informatieve of argumentatieve boodschap over hetzelfde onderwerp. Deze verschillende resultaten laten zien dat verhalen in sommige gevallen wel, en in sommige gevallen niet beter werken dan andere soorten tekst met een gezondheidsboodschap.

Wanneer is een verhaal effectief?

Een belangrijke opgave voor verder onderzoek is dan ook om te achterhalen wanneer verhalen effectiever zijn en wanneer niet. Om hier meer inzicht in te krijgen hebben wij in een recent onderzoeksproject een systematische review gedaan van het onderzoek naar narratieve effecten in een gezondheidscontext (De Graaf, Sanders, & Hoeken, 2016). Wij hebben hierbij voornamelijk gekeken naar de kenmerken van de verhalen die gebruikt zijn. Een van de dingen die hierbij meteen opvalt is de enorme diversiteit aan verhalen die gebruikt wordt in het onderzoek naar dit onderwerp. Wij verwachten dat deze verschillen tussen verhalen een mogelijke factor kan zijn die de verschillen in gevonden effecten kan verklaren.

 

Storytelling

 

Zo laten veel van de verhalen bijvoorbeeld personages zien die het ongezonde gedrag uitvoeren en daar negatieve consequenties van meemaken, zoals in het bovengenoemde verhaal over de vrouw die longkanker krijgt van roken. In sommige van deze verhalen blijft het hierbij, bijvoorbeeld als het personage uiteindelijk overlijdt, maar in andere maken de personages een verandering door en gaan uiteindelijk het gezonde gedrag vertonen, waardoor zij positieve consequenties meemaken. En ook zijn er natuurlijk verhalen waarin alleen het gezonde gedrag vertoond wordt, en waarin dit gedrag vooral tot positieve gevolgen leidt. Hoewel de meeste verhalen die in eerder onderzoek gebruikt zijn het ongezonde gedrag laten zien, is in onze review naar voren gekomen dat het laten zien van gezond gedrag met positieve gevolgen vaker samenging met een positieve intentie ten opzichte het gezonde gedrag dan het laten zien van het ongezonde gedrag met negatieve gevolgen.

Veelbelovend

Ook in de vorm van het verhaal kunnen veel verschillen zitten. Sommige verhalen zijn bijvoorbeeld beschreven vanuit een ik-perspectief terwijl andere verhalen vanuit een derde persoonsperspectief verteld zijn. Hierbij kwam in onze review het ik-perspectief als veelbelovend kenmerk naar voren. Ook is er verschil in de mate van explicietheid waarmee de boodschap in het verhaal naar voren komt. In sommige verhalen ligt het er erg dik bovenop dat het verhaal bedoeld is de ontvanger te overtuigen, terwijl dit in andere verhalen minder duidelijk is. Dit laatste leek juist geen verschil te maken in de effecten die gevonden zijn. Dit is interessant omdat juist vaak verondersteld wordt dat verhalen overtuigend kunnen zijn omdat ze de overtuigende bedoeling verhullen.

Uit het onderzoek tot zover blijkt dat verhalen overtuigend kunnen werken, maar dat zeker niet alle verhalen dit doen. Als je een verhaal wil inzetten om mensen tot gezonder gedrag aan te zetten, is het belangrijk om te testen welke inhoud en welke vorm deze het beste kan hebben. Er is verder onderzoek nodig om uit te zoeken of het tonen van het gezonde gedrag met positieve consequenties en het gebruiken van een eerste persoonsperspectief inderdaad effectiever zijn.

Anneke’s personal page →

Leave a Reply