Persuasive communication

Centre for Language Studies | Faculty of Arts | Radboud University Nijmegen

9 publicaties in Studies in Taalbeheersing 4

De nieuwste Studies in Taalbeheersing is uit; een verzamelwerk van het meest recente onderzoek naar taalbeheersing in de ruimste zin van het woord. Studies in Taalbeheersing is een uitvloeisel van het Viot-congres (Vereniging Interuniversitair Overleg Taalbeheersing), een Vlaams-Nederlands congres dat driejaarlijks gehouden wordt. In Studies in Taalbeheersing 4 staan 9 publicaties van onderzoekers uit de CLS-onderzoeksgroepen Persuasive Communication en Non-nativeness in communication.

1) Retorische vormen in gezondheidsvoorlichting

Renske van Enschot en Lennie Donné 

Een corpusanalyse van 28 posters en 79 voorkanten van brochures van overheid en particuliere instanties uit de gezondheidsvoorlichting. De resultaten laten onder meer zien dat in de Nederlandse massamediale gezondheidsvoorlichting retorische vormen veelvuldig voorkomen, vooral in posters. Visuele tropen (betekenisrijke afwijkingen, bijvoorbeeld metaforen) waren dominant. Schema’s (betekenisarme versieringen, bijvoorbeeld rijm) hadden vooral een diverterende of informerende fuctie. Tropen hadden vooral een emotionerende functie, vaak via een fear appeal (bijvoorbeeld een jongen opgesloten in een bierflesje, in een campagne tegen alcoholschade bij kinderen).

2) De effectiviteit van Franse en Duitse accenten in Nederlandse radiocommercials

Berna Hendriks, Frank van Meurs en Els van der Meij 

Een experimenteel onderzoek naar buitenlandse accenten in radiocommercials waarbij het accent wel (worst bij een Duits accent en wijn bij een Frans accent) of niet paste (olijfolie bij Duits of bier bij Frans) bij het aangeprezen product. Reclames met een buitenlands accent werden negatiever gewaardeerd dan reclames zonder buitenlands accent. Reclames met een product dat paste bij het buitenlandse accent werden voor een aantal variabelen (zoals attitude jegens de commercial) positiever beoordeeld dan reclames met een product dat niet paste bij het buitenlandse accent.

3) Taalkeuze, effectiviteit en strategie. Een experimentele studie naar Engels als Lingua Franca en Receptieve Meertaligheid

Berna Hendriks en Margot van Mulken 

In een tweetal experimentele studies is onderzocht welke taalkeuze het meest effectief is en welke communicatiestrategieën de deelnemers gebruiken. Receptieve meertaligheid (de gesprekspartners spreken dan hun eigen moedertaal maar begrijpen de taal van de ander wel) blijkt een aantrekkelijk alternatief te kunnen zijn voor Engels als Lingua Franca: de passieve kennis van een verwante taal blijkt voldoende te zijn om succesvol referentiële problemen op te lossen. Het verschil in de voorkeur voor strategieën wijst erop dat gesprekspartners handig gebruik maken van de aanwezigheid van moedertaal.

4) Begrijpelijkheid van informatie over complexe producten en diensten: welke gevolgen heeft de digitalisering?

Jos Hornikx 

Door ontwikkelingen op het gebied van digitalisering is de behoefte aan begrijpelijke taal belangrijk voor consumenten, aanbieders en toezichthouders op het terrein van complexe, financiële producten en diensten. Om inzicht te krijgen in de gevolgen van de digitalisering voor de hoeveelheid en de aard van productinformatie en voor het zoek- en selectiegedrag van consumenten, zijn interviews gehouden met aanbieders van die complexe producten. Daaruit komt naar voren dat informatie in grote hoeveelheden aanwezig is, multimodaal wordt aangeboden en dat de consument veel keuzevrijheid heeft. Aanbieders hebben de neiging om digitale teksten simpeler en korter te maken. De vindbaarheid van informatie blijkt een punt van zorg. De informanten concluderen dat iedere consument van digitalisering profiteert, maar dat de nadelen vooral de reeds kwetsbare doelgroepen treffen.

5) Onbekend maakt onbevreesd? De invloed van voorkennis op de effecten van angstaanjagende boodschappen

Carel Jansen, Lettica Hustinx en Wieleke Langeveld 

Aan studenten met uiteenlopende voorkennis over mogelijke gehoorschade ten gevolge van frequente blootstelling aan luide muziek, werd een angstaanjagende boodschap over dit onderwerp voorgelegd. Over alle deelnemers gemeten bleek de positieve gedragsintentie ‘gevaarbestrijding (danger control) significant sterker te zijn in de groep met een relatief lage voorkennis dan in de groep met een relatief hoge voorkennis. Voorkennis bleek eveneens een significant effect te hebben wanneer alleen gekeken werd naar de groep deelnemers met een hoge waargenomen dreiging: ook dan was de danger control gedragsintentie in de groep met een relatief lage voorkennis significant sterker dan in de groep met een relatief hoge voorkennis. De ervaren dreiging blijkt de gedragsintentie dus rechtstreeks en positief te beïnvloeden.

6) Hangt het effect van framing af van de motivatie van de ontvanger?

Maaike Jongenelen en Hans Hoeken

In dit onderzoek is de hypothese getoetst dat als het frame (gain of loss) van de boodschap past bij de motivatie (benadering of vermijding) van de ontvanger, de boodschap meer impact heeft. Hoewel dit effect in eerdere onderzoeken inderdaad werd gevonden met een tekst over flossen, is deze bevinding in dit experiment met een tekst over sporten niet gerepliceerd. Dit plaatst vraagtekens bij de houdbaarheid van de eerdere resultaten, en benadrukt eens te meer het belang van variatie in onderzoek en het publiceren van niet-significante resultaten.

7) Gezondheidscommunicatie op maat

Maaike Jongenelen 

Gezondheidscommunicatie via massamedia hebben slechts een klein effect; communicatie die op maat is gemaakt voor individuele ontvangers wordt verondersteld succesvoller te zijn. In dit paper worden twee voorbeelden beschreven van dergelijke communicatie: folders om mensen op te roepen voor een bevolkingsonderzoek en een HPV-vaccinatie. Hersenonderzoek en meta-analyses laten zien dat communicatie op maat anders – en zelfs iets beter – werkt dan gewone communicatie. De investering die ervoor nodig is, is op dit moment echter nog te groot.

8) Waarom het glas toch echt half leeg is. Onderzoek naar de kracht van positieve en negatieve evaluaties

Christine Liebrecht, Lettica Hustinx en Margot van Mulken

Negatieve boodschappen en woorden komen krachtiger over op ontvangers dan positieve, toonden eerdere onderzoeken aan. Maar nog niet eerder is bekeken welke rol taalintensivering – een stilistisch middel dat uitingen krachtiger maakt – speelt bij de perceptie hoe positieve en negatieve uitingen ervaren worden. In een verkennend onderzoek is nagegaan of al dan niet geintensiveerde positieve en negatieve evaluaties gepercipieerd worden. Negatieve uitingen bleken zoals verwacht krachtiger over te komen dan positieve. Intensiveringen vergroten die kracht aan beide zijden van de positieve-negatieve evaluatieschaal. Context speelt hierbij een rol. Vervolgonderzoek zal moeten uitwijzen hoe de relatie tussen context, intensiteit en polariteit precies in elkaar zit.

9) Leetspeak in linguistic taboos. A study of social network sites in Kenya

Sandra Nekesa Barasa

Although Leetspeak has existed as an alternative alphabet in social media for a long time, very few studies have embedded it in a social-cultural context. This study focuses on the current state of Leetspeak in Kenyan social media and its relationship with cultural values. The results of the study present a description of Leetspeak and indicate that whereas Leetspeak emerged as a code for hackers and gamers, in Kenya, it is currently used for other reasons including the masking of guilt when using linguistic taboos in an attempt to maintain one’s social standing in the Social Network Site (SNS) forum.

 

  • Boogaart, R. & Jansen, H. (Red.) Studies in Taalbeheersing 4. Assen: Van Gorcum.
Share this on social networks

Leave a Reply